Biografie
Alfred North Whitehead (1861 – 1947) was een filosoof die zijn academische leven begon als mathematicus, vervolgde als fysicus en eindigde als metafysicus. Als mathematicus ondernam hij met Bertrand Russell het project om de wiskunde te funderen in de logica. De Principia Mathematica (eerste deel in 1910, tweede in 1912 en derde in 1913) is een van de meest ambitieuze projecten van de vorige eeuw en het werk waardoor Whitehead nog steeds de meeste bekendheid geniet als academicus. Als fysicus heeft hij zich beziggehouden met de relativiteitstheorie waarbij hij een alternatieve theorie ontwikkelde voor die van Einstein, die volgens Whitehead meer in lijn moest zijn met enkele van onze belangrijkste intuïties. Als metafysicus gaf hij kritiek op het wetenschappelijk materialisme dat zijn tijd (en de onze) domineerde waarbij hij een eigen kosmologische interpretatie van de werkelijkheid ontwikkelde die gepubliceerd is in 1929 in zijn magnum opus getiteld Process and Reality.

De drie successieve periodes liepen vrij natuurlijk in elkaar over. Voor Whitehead was theoretische fysica een vorm van toegepaste wiskunde waardoor het onderscheid tussen mathematica en fysica niet direct relevant is. Toen Whitehead nog bezig was met een vierde volume binnen de reeks van Principia Mathematica kwam hij tot het inzicht dat tijd en ruimte op een vergelijkbare wijze benaderd moesten worden, wat hem naar alle waarschijnlijkheid in aanraking bracht met de Speciale Theorie van Relativiteit van Einstein. Zoals gezegd zag hij zichzelf genoodzaakt om daarvoor een alternatief te ontwikkelen. Dit alternatief heeft de tand des tijds niet doorstaan, maar decennialang was het experimenteel niet te onderscheiden van de theorie die Einstein had ontwikkeld. Na zich bezig gehouden te hebben met fysica tot en met zijn gedwongen pensioen, heeft hij in de Verenigde Staten van Amerika de intuïties die ten grondslag lagen aan zijn alternatieve relativiteitstheorie nader uitgewerkt en kritisch bevraagd: de aanvang van zijn metafysische bijdragen.

Deze tekst is integraal afkomstig uit de masterscriptie Het Issende van het Antropoceen: Over de Oorsprong en Richting van de Moderniteit in Extremis (2023) door Nathanael Korfker, een van de oprichters van Stichting Whitehead Nederland.
Deze tekst maakt gebruik van de Stanford Encyclopedia of Philosophy. Geraadpleegd op 20-11-2022 via https://plato.stanford.edu/archives/win2022/entries/whitehead/

Belang van vertalen
Stichting Whitehead Nederland is opgericht om het gedachtegoed van Alfred North Whitehead bekend te maken in het Nederlandse taalgebied. Whitehead schreef in het Engels. Veel academisch geschoolden zijn vaardig in het Engels waardoor de vraag kan opkomen waarom het nodig is om de teksten van Whitehead naar het Nederlands te halen.

De visie van oprichter Nathanael Korfker is deze: taal is het bindweefsel van een cultuur. De vraag wat een Nederlander is kan nooit helemaal goed beantwoord worden, omdat dé Nederlander als zodanig niet bestaat. Uit onderzoek van SCP blijkt dat Nederlanders de taal, tradities en symbolen van Nederland hoog waarderen wanneer het gaat om de Nederlandse identiteit. Wanneer de maatschappij ervoor kiest om buitenlandse werken niet meer naar het Nederlands te halen, gaat het leven uit de taal. De taal wordt museaal. Om dat te voorkomen moet de taal in ontwikkeling blijven. Niet alleen door het invoegen van straattaal en internetslang, maar ook door complexe concepten in te brengen.

Net als Heidegger is de taal voor Whitehead een middel om de realiteit te beschrijven waarbij dat middel aangepast moet worden aan de realiteit. Dit betekent dat de taal wordt omgebogen. Zoals Heidegger het begrip Dasein in het Duits introduceert, doet Whitehead dat middels prehension in het Engels. Als we de realiteit in het Nederlands willen beschrijven, zullen we ons best moeten doen ook de Nederlandse taal om te buigen. Whitehead zal de eerste zijn om te zeggen dat zijn theorie de werkelijkheid niet perfect beschrijft, maar het is de visie van de oprichter(s) dat zijn theorie wel een hele goede poging doet en het daarom verdient om vertaald te worden. Door vertaling geven we het Nederlandse denken een kleine impuls, een sprankje originaliteit, een beetje meer leven.